Nederlandse koopwoningmarkt blijft minder toegankelijk voor mediane huishoudens

Nederlandse koopwoningmarkt blijft minder toegankelijk voor mediane huishoudens
Koopmarkt ver buiten bereik

De druk op de Nederlandse koopwoningmarkt blijft oplopen nu huishoudens met een modaal budget steeds minder woningen binnen bereik hebben. Nieuwe cijfers laten zien dat de kloof tussen maximale leencapaciteit en woningprijzen in de afgelopen tien jaar fors is vergroot, vooral voor starters zonder eigen vermogen.

Hoogtepunten

  • Het aandeel koopwoningen dat bereikbaar is voor een mediaan huishouden daalde van 61% in 2015 naar 21% in 2024 volgens het CPB.
  • In 2024 kan een mediaan huishouden de mediane koopwoning niet volledig met een hypotheek financieren, met gemiddeld een tekort van 100.000 euro.
  • Ongeveer 45% van de huishoudens van 27–34 jaar heeft minder dan 10.000 euro spaargeld, terwijl een derde van de starters financieel wordt geholpen door ouders.

CPB-cijfers tonen verslechtering sinds 2015

Zoals gemeld door het Centraal Planbureau, laat de eerste jaarlijkse toegankelijkheidsmonitor voor de koopwoningmarkt zien dat de toegankelijkheid tussen 2015 en 2024 sterk is gedaald. Waar een mediaan huishouden in 2015 op basis van de maximale hypotheek nog ongeveer 61% van de te koop staande woningen in Nederland kon bemachtigen, is dat aandeel in 2024 teruggevallen naar 21%.

De monitor kijkt naar het verschil tussen de maximale leencapaciteit van huishoudens en de prijzen van beschikbare koopwoningen. Daarmee wordt zichtbaar welke woningen binnen het budget van kopers vallen en in hoeverre huishoudens nog een passende woning kunnen vinden die betaalbaar is en aansluit bij hun woonwensen.

Volgens die cijfers zijn woningprijzen de afgelopen jaren harder gestegen dan inkomens. Daardoor kan een mediaan huishouden de prijs van een mediane koopwoning niet meer volledig met een hypotheek financieren; in 2024 bedraagt het tekort gemiddeld 100.000 euro.

Vermogen weegt zwaarder voor starters

Door die financieringskloof wordt toegang tot de koopwoningmarkt steeds minder bepaald door inkomen en steeds meer door beschikbaar vermogen. Spaargeld, overwaarde uit een eerdere woning of financiële steun van ouders geeft kopers daardoor een duidelijke voorsprong.

Vooral starters ondervinden daar last van. Ongeveer 45% van de huishoudens tussen 27 en 34 jaar heeft minder dan 10.000 euro spaargeld, waardoor het voor veel jonge kopers moeilijk blijft om het verschil tussen hypotheekruimte en koopprijs te overbruggen.

Het CPB wijst er daarnaast op dat de ouders van woningkopers gemiddeld hoger in de vermogensverdeling zitten. In 2024 ontvangt ongeveer een derde van de starters een schenking van ouders of schoonouders bij de aankoop van een woning, terwijl ook leningen van familie of vrienden vaker voorkomen, vooral bij jongere eenpersoonshuishoudens.

Daarmee wordt het volgens de analyse steeds lastiger om de koopmarkt op eigen kracht te betreden. Zelfs wanneer woningzoekenden genoegen nemen met minder ruimte, een minder gunstige locatie of extra reistijd, blijft een koopwoning voor velen buiten bereik, terwijl de wens om via een eigen woning woonzekerheid en vermogensopbouw te realiseren groot blijft.

De impact van de Wet betaalbare huur op de Nederlandse huurmarkt stond in onze eerdere berichtgeving centraal. We beschreven dat het aanbod in het betaalbare segment afneemt doordat particuliere verhuurders woningen verkopen, terwijl de druk en huren in de vrije sector oplopen en het herstel sterk afhankelijk blijft van het investeringsklimaat en mogelijke aanpassingen van de wet.

Dit materiaal kan meningen van derden bevatten, geen van de gegevens en informatie op deze webpagina vormt beleggingsadvies volgens onze Disclaimer. Hoewel we ons houden aan strikte Redactionele Integriteit, kan deze post verwijzingen bevatten naar producten van onze partners.