Nederlandse brandstofprijzen stijgen door hogere olie-inkoopkosten

Nederlandse brandstofprijzen stijgen door hogere olie-inkoopkosten
Brandstofprijzen stijgen snel

Volgens energiedeskundigen, de Autoriteit Consument en Markt en consumentenplatform UnitedConsumers lopen de brandstofprijzen in Nederland de afgelopen weken op door de oorlog in het Midden-Oosten en de hogere inkoopprijzen voor olie en brandstoffen. Die prijsstijging werkt vooral snel door in diesel, terwijl nog onzeker is of een latere daling net zo snel bij de pomp terechtkomt. De discussie raakt pomphouders, oliebedrijven en de overheid, omdat belastingen, marges en marktdynamiek allemaal meespelen.

Hoogtepunten

  • Brandstofprijzen in Nederland stijgen doordat inkoopkosten voor olie zijn gestegen, met sterkere impact op diesel dan op benzine volgens Hans van Cleef.
  • Stijgende pompprijzen vergroten tijdelijk de btw-inkomsten voor de overheid, maar kunnen leiden tot minder verbruik en politieke druk op accijnzen.
  • Onderzoek van de ACM bevestigt dat prijsdalingen aan de pomp doorgaans trager worden doorgevoerd dan verhogingen, wat op asymmetrische prijsvorming duidt.

Opbouw van pompprijs en recente stijging

Pomphouders bepalen zelf welke prijs zij aan de pomp vragen, op basis van inkoopkosten, transport, opslag en personeelskosten. Daarbovenop komen accijns en btw, terwijl ook een winstmarge voor het tankstation in de literprijs zit. Volgens energiedeskundige Hans van Cleef stijgen de prijzen nu vooral doordat de inkoopkosten van brandstof omhoog zijn gegaan.

Voor diesel werkt dat effect sterker door dan voor benzine. Van Cleef zegt dat bij diesel ongeveer de helft van de prijs uit de inkoop van de grondstof bestaat, terwijl dat bij benzine rond 35 tot 40 procent ligt. Daardoor loopt de dieselprijs sneller op dan de benzineprijs.

Kort na de aanval op Iran schoten de prijzen aan de pomp omhoog, terwijl veel tankstations toen nog beschikten over eerder goedkoper ingekochte voorraden. Dat voedt de vraag of pomphouders extra profiteren van de stijging. Volgens Derk Foolen van UnitedConsumers is dat effect meestal beperkt en tijdelijk, omdat zulke voorraden vaak binnen een dag tot een week zijn vervangen door duurdere nieuwe aanvoer.

Effect op overheid, oliebedrijven en consumenten

Op papier profiteert de overheid van hogere brandstofprijzen, omdat de btw over een hogere verkoopprijs wordt berekend. In de praktijk is dat minder eenduidig, omdat automobilisten bij duurdere brandstof minder kunnen gaan rijden en tanken. Ook kan politieke druk ontstaan om de hogere kosten via bijvoorbeeld een accijnsverlaging te verzachten, wat de schatkist juist geld kost.

Voor grote oliebedrijven kan een hogere olieprijs in theorie gunstig zijn, omdat minder transport uit het Midden-Oosten het aanbod drukt en de wereldmarktprijs opdrijft. Tegelijk staan zulke bedrijven ook bloot aan operationele schade en verstoringen in de regio. In de tekst wordt genoemd dat aanvallen rond de Perzische Golf onder meer een Shell-locatie voor vloeibaar gas hebben geraakt, wat de winst dit jaar kan beïnvloeden.

Voor consumenten blijft vooral de vraag relevant of prijsdalingen later ook vlot worden doorgegeven. De adviesprijzen voor benzine en diesel liggen sinds het begin van de oorlog hoger, maar schommelen wel onder invloed van uitspraken van U.S. president Trump en de olieprijs. Daarmee blijft de pompprijs niet alleen afhankelijk van fysieke aanvoer, maar ook van verwachtingen op de energiemarkt.

ACM ziet risico op vertraagde prijsdaling

De ACM zegt dat nog niet vaststaat of een lagere brandstofprijs straks net zo snel aan de pomp zichtbaar wordt als de recente stijging. Wel wees onderzoek van ACM-econoom Stef de Jong, uit twee jaar geleden, erop dat prijsdalingen doorgaans vertraagd worden ingevoerd. Dat wijst op een asymmetrische prijsvorming, waarbij verhogingen sneller zichtbaar zijn dan verlagingen.

De Jong noemt meerdere verklaringen voor dat patroon. Bij stijgende prijzen letten automobilisten sterker op verschillen tussen tankstations, waardoor concurrentiedruk toeneemt. Zodra prijzen dalen, worden consumenten minder kritisch en krijgen pomphouders meer ruimte om een verlaging later door te voeren.

Daarnaast houdt de ACM in de gaten of tankstations geen misbruik maken van de marktsituatie. De toezichthouder benadrukt dat prijsafspraken verboden zijn, maar sluit niet uit dat pomphouders elkaars prijzen nauw volgen. Ook UnitedConsumers stelt dat tankhouders in tijden van energieonrust graag voorzichtig prijzen, waardoor verlagingen vaak minder snel worden doorberekend dan verhogingen.

We berichtten eerder over de oplopende brandstofprijzen in Nederland en de toenemende politieke druk op het kabinet om in te grijpen, onder meer via een (nieuwe) accijnsverlaging of een prijsplafond. In dat artikel beschreven we ook hoe maatregelen in andere Europese landen de discussie aanjagen, terwijl Den Haag worstelt met de kosten voor de schatkist en de vraag of gerichte steun effectiever is dan generieke lastenverlichting.

Dit materiaal kan meningen van derden bevatten, geen van de gegevens en informatie op deze webpagina vormt beleggingsadvies volgens onze Disclaimer. Hoewel we ons houden aan strikte Redactionele Integriteit, kan deze post verwijzingen bevatten naar producten van onze partners.