Nederland reserveert 100 miljoen euro voor compensatie vuurwerksector

Nederland reserveert 100 miljoen euro voor compensatie vuurwerksector
100 miljoen voor vuurwerkverbod

Met de vrijmaking van compensatiegeld neemt het kabinet een laatste politieke drempel weg voor een landelijk vuurwerkverbod dat bij de komende jaarwisseling moet ingaan. De regeling is bedoeld om ondernemers in de vuurwerkbranche gedurende drie jaar te compenseren voor gederfde inkomsten.

Hoogtepunten

  • Het kabinet reserveert 100 miljoen euro voor compensatie van vuurwerkondernemers, waarvan 90 miljoen euro voor misgelopen winst en 10 miljoen euro als buffer voor onzekere schade.
  • De landelijke vuurwerkverbod kan aan het einde van dit jaar ingaan, nu aan de laatste eis van de Tweede Kamer is voldaan door het compensatiepakket.
  • De vuurwerkbranche schatte vorig jaar de benodigde compensatie op 895 miljoen euro, fors meer dan de 100 miljoen euro die de overheid uittrekt.

Compensatie en invoering van het verbod

NOS meldt dat staatssecretaris Bertram van Infrastructuur en Waterstaat bekendmaakt dat het kabinet in totaal 100 miljoen euro uittrekt voor ondernemers die worden geraakt door het vuurwerkverbod. Daarvan is 90 miljoen euro bedoeld voor compensatie van misgelopen winsten, terwijl 10 miljoen euro extra is gereserveerd omdat de uiteindelijke schade nog niet volledig vaststaat.

Volgens het kabinet verschillen de bedrijfsmodellen binnen de sector sterk, omdat sommige ondernemingen het hele jaar actief zijn in import, distributie en verkoop van vuurwerk en andere bedrijven de handel alleen tegen het einde van het jaar oppakken. Het beleid is erop gericht de verliezen van de komende drie jaar op te vangen.

Met het besluit van de ministerraad is ook voldaan aan de laatste voorwaarde die de Tweede Kamer had gekoppeld aan de invoering van het verbod. Daardoor kan het landelijke verbod aan het einde van dit jaar van kracht worden.

Gevolgen voor markt en jaarwisseling

De vuurwerkbranche stelde vorig jaar nog dat 895 miljoen euro nodig zou zijn om de economische schade van een verbod te dekken. Dat ligt fors boven het bedrag waarvoor het kabinet nu kiest, wat het verschil tussen de inschatting van de sector en de raming van de overheid onderstreept.

De Tweede Kamer stemde een jaar geleden al met ruime meerderheid in met een initiatiefwet van Klaver van GroenLinks-PvdA en Ouwehand van Partij voor de Dieren, waarna ook de Eerste Kamer akkoord ging. In Nederland is knalvuurwerk uit categorie F3 sinds december 2020 al verboden, maar straks verdwijnt ook siervuurwerk uit categorie F2 uit de reguliere verkoop en blijven alleen artikelen uit categorie F1, zoals sterretjes en knalerwten, toegestaan.

Georganiseerde groepen zoals clubs en buurtverenigingen mogen onder strikte voorwaarden en met toestemming van de burgemeester nog wel F2-vuurwerk afsteken. Het verbod volgt op een langdurig politiek traject, waarbij de VVD vorig jaar van standpunt veranderde na een onrustige jaarwisseling met meer dan 8000 incidenten en geweld tegen politie en hulpverleners.

In onze eerdere berichtgeving over de eerste nieuwe maatregelen van het kabinet na het stranden van de asielnoodwet schreven we dat het strengere migratiebeleid deels via bestaande wetgeving alsnog wordt doorgevoerd. Daarbij gaat het onder meer om het sneller ongewenst kunnen verklaren van asielzoekers die ernstige strafbare feiten plegen en om ruimere mogelijkheden voor gerichte controles achter de binnengrenzen.

Dit materiaal kan meningen van derden bevatten, geen van de gegevens en informatie op deze webpagina vormt beleggingsadvies volgens onze Disclaimer. Hoewel we ons houden aan strikte Redactionele Integriteit, kan deze post verwijzingen bevatten naar producten van onze partners.