De cao-lonen in Nederland nemen in het eerste kwartaal met 4,5 procent toe op jaarbasis, blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek. Na correctie voor inflatie resteert een reële stijging van 2 procent, terwijl de loonontwikkeling bij bedrijven sterker is dan bij de overheid.
Hoogtepunten
- Bedrijven zagen in het eerste kwartaal een cao-loonstijging van 4,9 procent, tegenover 3,4 procent bij de overheid volgens het CBS.
- Wooncorporaties en de bouw noteren de hoogste cao-loonstijgingen met respectievelijk 8,1 procent en 7,2 procent in het eerste kwartaal.
- Vakbonden eisen hogere lonen door stijgende inflatie, maar het kabinet-Jetten wil ambtenarensalarissen minstens één jaar bevriezen.
Loonontwikkeling per sector in eerste kwartaal
De toename van de cao-lonen laat volgens de kwartaalcijfers een voortzetting zien van de stevige loonstijgingen van de afgelopen jaren. Bij bedrijven stijgen de cao-lonen met 4,9 procent, tegen 3,4 procent bij de overheid. Opvallende uitschieters zijn de cao's voor medewerkers van wooncorporaties, met een stijging van 8,1 procent, en de bouw, waar de lonen met 7,2 procent toenemen.Breder beeld en druk van inflatie
Het CBS plaatst daarbij de kanttekening dat één kwartaal slechts een momentopname is en weinig zegt over de langere termijn. Volgens CBS-hoofdeconoom Peter Hein van Mulligen zet de brede loonstijging wel door, al verschilt het tempo per bedrijfstak en blijft de overheid achter. Hij stelt dat werknemers over de hele linie momenteel weinig reden tot klagen hebben.Vooruitblik op cao-onderhandelingen
Voor de komende kwartalen blijft de vraag of de loonstijgingen op dit niveau doorgaan. De inflatie loopt op, vooral door de oorlog in het Midden-Oosten, waardoor vakbonden prijsstijgingen geheel of gedeeltelijk in cao's willen compenseren. Tegelijk komt de winstgevendheid van veel bedrijven onder druk door hoge energieprijzen en wil het kabinet-Jetten de ambtenarensalarissen voor ten minste een jaar bevriezen.We berichtten eerder over de inflatie in Nederland die in maart opliep naar 2,7 procent, vooral door hogere brandstofprijzen na stijgende olieprijzen. Daarbij benadrukten we dat de kostenstijgingen via energie en grondstoffen breder doorwerken in de economie en de druk op marges, koopkracht en uiteindelijk ook lonen kunnen vergroten. Dat vormt de achtergrond bij de huidige discussie over stevige cao-loonstijgingen en de vraag in hoeverre nieuwe inflatie in komende rondes wordt gecompenseerd.
Laatste Fintech nieuws
- Forex
- Crypto